Toepassing van het EVRM door de Nederlandse rechter
In dit artikel:
Nederlandse civiele rechtbanken gebruiken steeds vaker artikel 8 EVRM (recht op privé- en gezinsleven) om milieuklachten — zoals geluidsoverlast en geuroverlast — te beoordelen. Waar rechters vroeger vooral op nationale onrechtmatigheids- en hinderregels teruggrepen en internationale verplichtingen weinig wogen, voeren partijen nu rechtstreeks een beroep op het EVRM. Bij de beoordeling past de civiele rechter de zogeheten fair balance‑toets toe: de belangen van het individu worden afgewogen tegen publieke en regulerende doelen. Uitspraakmotiveringen blijven echter vaak mager en sluiten niet altijd goed aan bij de terminologie en jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Ter context: artikel 8 kan ook positieve staatsverplichtingen inhouden om burgers tegen derden en milieu‑schade te beschermen, maar de Nederlandse civiele praktijk ontwikkelt die lijn nog verder.