Scripties, AI en het grote gemis

woensdag, 16 september 2026 (08:15) - Nederlands Juristenblad

In dit artikel:

De scriptie als afsluitend bachelor- en masterexamen staat onder druk door de snelle ontwikkeling van kunstmatige intelligentie (AI). Het wordt steeds moeilijker vast te stellen of studenten zelf de onderzoeksvraag, structuur, argumentatie, literatuurkeuze en formulering hebben ontwikkeld. Daarmee komt het belangrijkste didactische doel van de scriptie β€” zelfstandig kennis en vaardigheden toepassen β€” in gevaar. Ook verliezen studenten volgens de auteur een waardevolle leerervaring wanneer zij het schrijfproces grotendeels aan AI uitbesteden.

Universiteiten proberen de scriptie te behouden zonder AI volledig te verbieden. Hun richtlijnen verschillen nog, maar leggen doorgaans de nadruk op een verbod op plagiaat, transparantie over AI-gebruik en controle van de betrouwbaarheid van gegenereerde informatie. Een door AI gemaakte tekst als eigen werk presenteren geldt als plagiaat. De handhaving is echter lastig, omdat AI-gebruik moeilijk te bewijzen is en fouten in bronvermeldingen ook door onzorgvuldigheid kunnen ontstaan. Volgens recente uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak moet daarom onderscheid worden gemaakt tussen fraude en slordigheid. Fraude moet buiten redelijke twijfel vaststaan; alleen dan kan een examencommissie zware maatregelen opleggen.

In drie zaken pakte die beoordeling verschillend uit. Een student die een volledige bronnenlijst door AI liet maken en daarbij verzonnen bronnen kreeg, had bovendien geen verplichte AI-verklaring ingediend. De fraudevaststelling bleef daarom overeind. In een tweede zaak ontkende een student AI-gebruik, maar diens verklaringen waren onvoldoende overtuigend; ondanks het ontbreken van direct bewijs achtte de Afdeling fraude bewezen. In de derde zaak had een student ChatGPT alleen gebruikt om een bestaande bronnenlijst te ordenen. Omdat hij kon aantonen dat de bronnen correct en echt waren, werd dit als onzorgvuldigheid en niet als fraude beschouwd.

De auteur pleit voor een kritische en verantwoorde integratie van AI in de rechtswetenschap en juridische praktijk, niet voor een totaalverbod. Studenten moeten zowel leren hoe AI werkt als beschikken over voldoende parate rechtskennis en onderzoeksvaardigheden om fouten en zogenoemde hallucinaties te herkennen. Examens zonder AI, bijvoorbeeld mondelinge tentamens, kunnen die basisvaardigheden bewaken. Tegelijkertijd is volgens de auteur strenge handhaving van AI-fraude bij scripties noodzakelijk. Betere detectiesoftware en verplichte watermerken in AI-uitvoer zouden universiteiten daarbij kunnen helpen, al moet de uiteindelijke beslissing over fraude bij de examinator blijven.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Wilfred Genee ziet Merel Ek met microfoon Dick Schoof te lijf gaan: β€˜Wat is ze aan het doen?’