Rechter: blowende Wil (71) uit Kloosterburen moet huis uit. 'Waar kan ik heen?'
In dit artikel:
Wil (71) uit Kloosterburen moet haar huurwoning in het appartementencomplex van stichting Oldeheem per 1 juni verlaten omdat de rechter oordeelde dat haar blowen overlast veroorzaakt. De beheerder stapte naar de rechtbank nadat medewerkers, ouders en bewoners hadden geklaagd dat de wietlucht soms tot in de babyslaapkamer van kinderopvang Lutje Heem doordringt; de opvang zit in dezelfde gang als Wils woning.
Wil woont er sinds 1 mei 2024 en erkent dat blowen in de huisregels verboden is, maar zegt cannabis als zelfmedicatie te gebruiken en aldus zo’n vijf joints per dag te roken, deels buiten met de hond en deels thuis met de tuindeur open. De rechter vond het aannemelijk dat geur via deuren, ramen en kieren de gang en de kinderopvang kan bereiken.
Wil zegt niet te stoppen en is bij de huisarts aangemeld voor verslavingszorg, maar de behandeling is nog niet gestart. Ze wil niet vertrekken zonder een alternatief voor zichzelf en haar huisdieren en gaat in hoger beroep; haar advocaat heeft het hoger beroep ingezet. De zaak illustreert de spanning tussen individueel gebruik van wiet en de zorgplicht van verhuurders voor de veiligheid en het welzijn van andere bewoners, met name kinderen.