Rechtbank: geen extra onderzoek naar detentie Weski, weg vrij voor inhoudelijke behandeling
In dit artikel:
De Rotterdamse rechtbank heeft een verzoek van oud‑advocate Inez Weski (71) en haar advocaten afgewezen om aanvullend onderzoek te doen naar haar detentie na de arrestatie in april 2023. Het ging om de periode van ongeveer acht à negen dagen dat zij was ondergebracht op een afgeschermde, geheime locatie in Soesterberg/Kamp Zeist. Weski stelt dat de omstandigheden haar broze gezondheid in gevaar brachten en dat regels zijn overtreden; haar verdediging wil die details benutten om te betogen dat het Openbaar Ministerie daarmee zijn recht op vervolging heeft verspeeld.
De rechtbank oordeelt echter dat al voldoende informatie beschikbaar is — onder meer uit Weski’s eigen boek en onderzoek van de Inspectie Justitie en Veiligheid, die de locatie als niet‑erkend bestempelde — en ziet “onvoldoende aanknopingspunten” voor nieuw feitenonderzoek of heropening van getuigenverhoor. Het verzoek om uitstel is daarom verworpen. Het OM reageerde fel tegen verdere vertraging en zei dat de procedure bijna drie jaar vooral over detentieperikelen gaat in plaats van over de inhoud van de verdenkingen.
Met de afwijzing is de weg vrij voor de inhoudelijke behandeling van de strafzaak, die op 2 april in Rotterdam van start gaat (met mogelijke vervolgdagen op 8–10 april, in een extra beveiligde zaal). Weski wordt onder meer verdacht van deelname aan de criminele organisatie rond Ridouan Taghi en van het doorspelen van berichten naar en van hem tijdens zijn detentie in de EBI in Vught; tijdens de komende zittingen zal de rechter voor het eerst uitvoerig ingaan op haar vermeende rol binnen die organisatie.