Raad van State presenteert jaarverslag 2025

donderdag, 16 april 2026 (15:30) - Nederlands Juristenblad

In dit artikel:

De Raad van State waarschuwt in zijn jaarbeschouwing 2025 dat regering en parlement meer moeten gaan denken over de belangen van toekomstige generaties en dat daarvoor blijvende, systematische instrumenten nodig zijn. Thema’s als pensioenen, klimaat, migratie en woningbouw strekken zich over decennia uit; terwijl er al initiatieven bestaan om jongeren en later geboren generaties mee te wegen, zijn die vaak versnipperd, vrijblijvend en moeilijk te koppelen aan regulier beleid.

De Raad pleit voor institutionele innovatie: ingebakken burgerberaden, een ‘toekomstambassadeur’ binnen beleidssectoren, een ombudsfunctie voor toekomstige generaties en het gebruik van scenariotechnieken (future design) om onbekende toekomstige belangen en risico’s beter zichtbaar te maken. Ook stelt de Raad de mogelijkheid voor om de bescherming van toekomstige generaties constitutioneel vast te leggen, al wijst hij erop dat dat afgewogen moet worden tegen de traditie van een terughoudende Grondwet. Als tussenstap biedt de Raad aan om bestaande sociale grondrechten vaker expliciet te betrekken in de toelichtingen bij wetsvoorstellen, zodat wetgever en bestuur zich meer rekenschap geven van lange-termijnverplichtingen.

Op politiek niveau beveelt de Raad brede, meerjarige parlementaire akkoorden aan met maatschappelijke partners om stabiliteit en continuïteit te creëren voor lange-termijnopgaven. De Afdeling advisering van de Raad van State ziet voor zichzelf ook een rol: zij kan bij haar adviezen meer toekomstgerichtheid meenemen als toetssteen voor wetgeving.

Het jaarverslag bevat daarnaast cijfers over de eigen werkzaamheden in 2025. De Afdeling advisering kreeg 344 zaken voorgelegd en leverde in 312 gevallen advies of voorlichting; de gemiddelde adviesduur was 48 dagen, ruim 67% van de adviezen werd binnen twee maanden afgehandeld, ongeveer 60% betrof een advies zonder opmerkingen en 11,4% was negatief. De Afdeling bestuursrechtspraak deed circa 10.900 zaken af, iets meer dan in 2024, terwijl de instroom met ongeveer 10.700 zaken juist afnam. De gemiddelde doorlooptijd lag op 36 weken. Binnen de Omgevingskamer daalde de instroom aanzienlijk (bijna 2.400 binnengekomen zaken, 600 minder dan het jaar daarvoor), terwijl de Algemene kamer meer zaken kreeg en de Vreemdelingenkamer nagenoeg gelijk bleef (ongeveer 6.000). Woningbouwzaken kregen sinds de zomer van 2024 voorrang in het omgevingsrecht; vanwege de resultaten en het maatschappelijke belang is die prioritering verlengd tot ten minste de zomer van 2026.

De volledige tekst van de algemene beschouwing en de overige onderdelen van het jaarverslag 2025 zijn te raadplegen op de website van de Raad van State.