Proefschrift: De wetlands van de Europese Unie
In dit artikel:
Jasper Verhoogt gebruikt in zijn proefschrift de beeldspraak van wetlands om het EU-recht te duiden: tussen de starre dijken van staten en de open zee van internationale organisaties ligt de Europese Unie als een wisselzone met zowel bindende als minder bindende instrumenten. Aan de hand van drie crisissituaties — gekkekoeienziekte (BSE, eind jaren 1990), mond‑ en klauwzeer (begin jaren 2000) en corona (2020‑) — analyseert hij hoe de EU continu nieuwe besluiten uitvaardigde, variërend van harde regels (richtlijnen en verordeningen) tot zachte instrumenten (adviezen aan lidstaten). Centraal staat de vraag wat die mix van hard en zacht recht betekent voor naleving en voor de mogelijkheid om de EU en lidstaten ter verantwoording te roepen: verandert de aanspreekbaarheid als de juridische instrumenten van verschillend karakter zijn, en bestaan er ook gradaties van harde en zachte aanspreekbaarheid? Zijn casestudies tonen dat besluitvorming vaak gepaard ging met problemen van niet‑naleving, waardoor de effectieve handhaafbaarheid van EU‑beleid aan grenzen lijkt te stuiten. Verhoogt pleit daarmee voor een meer gelaagde blik op EU‑rechtsmacht: niet alleen op basis van formele bevoegdheden, maar ook op basis van de praktische mate van afdwingbaarheid en politieke responsiviteit in crisissituaties.