Onvoldoende resultaat inburgering: potentieel statushouders blijft onbenut
In dit artikel:
Een 28 januari 2026 verschenen onderzoek van de Algemene Rekenkamer toont dat Nederland er nog maar beperkt in slaagt erkende vluchtelingen werk te laten vinden in krappe sectoren zoals bouw, zorg en techniek. Hoewel de nieuwe inburgeringswet op sommige punten verbeteringen brengt — meer begeleiding vanuit gemeenten en meer taalaanbod op B1-niveau — leidt dat niet tot snelle, volwaardige arbeidsparticipatie.
Belangrijkste bevindingen: inburgering begint gemiddeld pas na meer dan twee jaar door trage asielprocedures; het behaalde taalniveau is vaak laag; de instroom in de onderwijsroute is slechts de helft van de beoogde omvang; en het aanbod op B2-niveau blijft beperkt. Van degenen die drie jaar geleden met inburgering startten, heeft maar 28% ooit betaald werk gehad, en dat betreft doorgaans laagbetaalde, flexibele banen die niet aansluiten op eerder verworven opleiding of beroepservaring (bijvoorbeeld zorgprofessionals die in de horeca werken).
De Rekenkamer wijst op meerdere oorzaken: gebrek aan vroege registratie van opleidings- en werkachtergrond maakt effectmeting onmogelijk; er ontbreken streefwaarden om vorderingen te beoordelen; en praktische knelpunten zoals schaarste aan taaldocenten, onvoldoende kinderopvang, en het onvermogen om betaalde arbeid te combineren met verplichte taallessen remmen integratie. Ook beleidskeuzes spelen mee: het systeem is opgezet als een lerend stelsel, maar het ministerie benut die flexibiliteit onvoldoende om knelpunten snel te herstellen.
Internationaal gezien loopt Nederland achter bij landen die sneller beroepsgerichte erkenning en bijscholing mogelijk maken; als voorbeeld noemt het rapport dat in 2024 duizenden Syrische artsen in Duitsland werkten — sommigen verhuisden daarvoor uit Nederland.
De Rekenkamer waarschuwt tegen het “wensdenken” van politici die verwachten dat statushouders tegelijk snel, volledig en op niveau betaald werk vinden én tegelijk hoge taalexamens afronden. Zij adviseren het kabinet om streefwaarden en registratie-instrumenten in te voeren, te werken vanuit het aanwezige potentieel van asielstatushouders en duidelijke keuzes te maken over prioriteiten (snelle arbeidsmarkttoegang versus hoge taal- en opleidingsniveaus). Het ministerie van SZW geeft aan duurzame uitstroom uit de bijstand te willen en werkt aan streefwaarden en betere registratie, maar concrete aanpassingen zijn nog nodig om arbeidspotentieel niet onbenut te laten.