Mr. X stalt eigen geld op derdenrekening
In dit artikel:
In 2020 verkocht mr. X het kantoorpand dat hij met zijn vrouw bezat. Een half jaar later stortte zijn vrouw circa €200.000 van de overwaarde op de derdengeldenrekening van mr. X; tussen 2021 en 2023 werden van die rekening bedragen naar de kantoorrekening, zijn privérekening en een derde overgeboekt. De deken maakte daarop een klacht die door de Raad van Discipline Arnhem‑Leeuwarden werd beoordeeld: die vond dat mr. X de derdenrekening voor een ander doel had gebruikt dan bedoeld, maar zag geen bewijs dat hij het geld bewust buiten het zicht van derden had gehouden; dat leverde een waarschuwing op.
De deken ging in hoger beroep en betoogde dat het geld verborgen was voor de curator van de failliete apotheek van mevrouw X en dat er sprake was van kwade bedoelingen; de curator had mr. X in 2020 gedagvaard wegens mogelijke bestuurdersaansprakelijkheid en die vordering was in hoger beroep toegewezen. Mr. X toonde echter een dagvaarding uit 2019 waaruit zou blijken dat de curator al eerder van de afrekening op de hoogte was, en verwees naar veertig jaar praktijkervaring en de stressvolle omstandigheden waarin hij handelde.
Het Hof van Discipline concludeert dat mr. X de derdenrekening onjuist heeft gebruikt en daarmee als het ware ermee heeft gebankierd. Zijn verklaringen over de motieven wisselden en het hof acht het onwaarschijnlijk dat het om een strikt zaaksgebonden betaling ging, maar vindt ook onvoldoende bewijsmateriaal voor de door de deken veronderstelde kwade opzet. Gelet op de schending van financiële integriteit — ondanks zijn inzage en persoonlijke omstandigheden — krijgt mr. X een berisping opgelegd.
Ter toelichting: een derdenrekening is bedoeld om geld dat aan derden toekomt veilig en gescheiden te houden; misbruik kan leiden tot tuchtrechtelijke maatregelen variërend van waarschuwing tot zwaardere straffen.