Hoge Raad werkt stelplicht van eiser ten aanzien van causaal verband in notariële beroepsaansprakelijkheid nader uit
In dit artikel:
De Hoge Raad heeft recent verduidelijkt welk niveau van stelling vereist is om causaal verband aan te tonen in zaken over notariële beroepsaansprakelijkheid. Aanleiding was een geschil over een onduidelijke winstrechtbepaling in een akte; nadat het hof de vordering had afgewezen, oordeelde de Hoge Raad dat het hof te hoge eisen had gesteld aan de onderbouwing van de schade en het oorzakelijk verband.
Kern van de uitspraak: een eiser moet bij de dagvaarding voldoende feiten en omstandigheden aandragen die het bestaan van een causaal verband aannemelijk maken, maar hoeft nog geen volledige bewijsvoering of gedetailleerde schadeberekening te leveren. De rechter moet bij de beoordeling scherp onderscheiden tussen wat op het niveau van stelling (plausibiliteit) gevraagd kan worden en wat pas bij bewijslevering aan de orde is. Als de gestelde feiten het verband aannemelijk maken, kan verdere bewijsopbouw in een later stadium plaatsvinden.
Praktische gevolgen: eisers in aansprakelijkheidszaken krijgen iets meer ruimte om een causaal verband aannemelijk te maken zonder directe bewijzen klaar te hebben, terwijl notarissen en opstellers van contractuele bepalingen worden geadviseerd om winstrecht- en vergelijkbare clausules helder te formuleren om toekomstige geschillen te voorkomen.