Hoge Raad: pasfoto's opslaan is géén verwerking van biometrische gegevens; desondanks prejudiciële vragen over Wwft-bewaarplicht
In dit artikel:
De Hoge Raad stelt dat de AVG (Artikel 9 lid 1) verwerking van bijzondere persoonsgegevens, zoals biometrische gegevens voor unieke identificatie, in principe verbiedt. Uit punt 51 van de considerans en de definitie in artikel 4 AVG volgt dat een foto met een gezichtsafbeelding alleen onder die categorie valt wanneer die afbeelding onderwerp is van een specifieke technische bewerking gericht op eenduidige identificatie. Het louter vastleggen of bewaren van een pasfoto op zich kwalificeert dus niet automatisch als verwerking van biometrische gegevens. Vanwege deze juridische nuance wil de Hoge Raad prejudiciële vragen voorleggen aan het Hof van Justitie van de EU om te laten beoordelen of instellingen die onder de Wwft meldplichtig zijn, verplicht kunnen of moeten blijven om kopieën van identiteitsdocumenten inclusief pasfoto’s te bewaren. De uitspraak zal duidelijkheid moeten geven over de grens tussen verplichte klantidentificatie en het verbod op biometrische gegevensverwerking binnen Nederland en de EU.