Gebrek aan zelfinzicht werknemer leidt tot fors lagere billijke vergoeding
In dit artikel:
De zaak betrof de hoogste leidinggevende van de Nederlandse vestiging van een multinational. Na een melding over grensoverschrijdend gedrag startte de werkgever een onderzoek, stelde de man op non-actief en hoorde personeel zonder de betrokkene eerst te informeren. Toen de werknemer wegens ziekte niet op een gesprek verscheen, kreeg hij daarop op staande voet ontslag.
De rechter vernietigde dat ontslag: er was onvoldoende bewijs voor structureel grensoverschrijdend gedrag of misbruik van positie. Getuigenverklaringen waren vaag, onsystematisch en deels niet ondertekend, en het onderzoek leek op een fishing expedition. De werkgever handelde daarom ernstig verwijtbaar. Omdat de werknemer wel een dominante manier van leidinggeven had en weinig zelfinzicht toonde, kreeg hij geen miljoenenvordering toegewezen; de billijke vergoeding werd vastgesteld op €128.500 (gevorderd €1,7 mln).
Kader: ontslag op staande voet vereist gedegen, toetsbare bewijslast en zorgvuldig onderzoek; het ontbreken daarvan kan leiden tot vernietiging van het ontslag en schadevergoeding.