Eigenwijs bestuursrecht
In dit artikel:
Rob Widdershoven nam vrijdag in Utrecht afscheid als hoogleraar (Europees) bestuursrecht, later dan gepland omdat hij zijn pensioenuitzwaai bewust had uitgesteld tot een zonnige dag. Dat lukte: bij 34 graden sprak hij op het Domplein zijn rede uit, terwijl veel hoogleraren in de domkerk/aula zaten te zweten in hun toga’s.
De kern van zijn afscheidsrede was dat het jonge bestuursrecht zich bij zijn ontwikkeling wel mag laten inspireren door oudere rechtsgebieden, zoals constitutioneel recht, strafrecht en burgerlijk recht, maar daarin selectief moet zijn. Volgens Widdershoven moet die keuze steeds in dienst staan van waar het bestuursrecht uiteindelijk voor is bedoeld: effectieve rechtsbescherming tegen de overheid. Hij werkte dat uit aan de hand van drie punten.
Ten eerste stelde hij dat het bestuursrecht minder terughoudend moet zijn bij toetsing aan ongeschreven fundamentele rechtsbeginselen, ondanks het constitutionele toetsingsverbod in artikel 120 van de Grondwet. Volgens hem laat de praktijk zien dat de wetgever zelf onvoldoende waarborgen biedt, met onder meer de toeslagenaffaire als pijnlijk voorbeeld. Ten tweede betoogde hij dat bij bestuurlijke sancties en zware maatregelen strafrechtelijke waarborgen nuttig kunnen zijn, vooral bij de bewijslast: hoe ingrijpender de maatregel, hoe zwaarder de eis aan het bestuur om iets aan te tonen. Daarbij keek hij ook naar tussenvormen uit het EU-recht. Ten derde pleitte hij ervoor dat rechters in bestuurszaken vaker ambtshalve toetsen, vooral wanneer sprake is van grote ongelijkheid tussen partijen of van fundamentele rechten, zoals al gebeurt in sommige civiele en Europese procedures.
Bij het afscheid kreeg Widdershoven ook een omvangrijk liber amicorum aangeboden: 770 pagina’s met 78 bijdragen. Een van die bijdragen, van staatsraad Ben Vermeulen, weerspreekt zijn pleidooi voor meer constitutionele toetsing en stelt dat daarvoor uiteindelijk grondwetsherziening nodig is. Widdershoven hield echter vol dat rechters wel degelijk ruimte hebben om rechtsbeginselen toe te passen en dat ook de wetgever verantwoordelijkheid draagt voor een echte dialoog. Zijn boodschap was daarmee helder: het bestuursrecht moet eigenzinnig genoeg zijn om de burger effectief tegen de overheid te beschermen.
Vandaag Inside Oranje: Video: Stoppende Ronald Koeman en Oranje-selectie arriveren bij hotel in Kansas City