Advocaten: verdachte Z. was tijdens roof niet in Drents Museum
In dit artikel:
De verdediging van Bernhard Z. (35) heeft donderdag in het strafproces om de roof uit het Drents Museum gepleit voor vrijspraak. Z. erkent dat hij een auto en kentekenplaten heeft geregeld, maar zegt niet een van de drie inbrekers te zijn geweest die in de nacht van 24 op 25 januari vorig jaar Dacische goudobjecten – onder meer een Cotofenesti-helm en drie armbanden – uit het museum in Assen meenamen.
Zijn advocaten betogen dat forensisch onderzoek geen bewijs voor zijn aanwezigheid opleverde en dat hij niet herkenbaar is op beeldmateriaal waarop de daders worden getoond: die beelden tonen één kleinere en twee normaal postuurige mannen, terwijl Z. een fors postuur heeft. De raadslieden bestrijden ook dat DNA op weggegooide kleding en een sporttas onomstotelijke dadersporen zijn; Z. geeft toe de tas te hebben gekocht maar zegt niet geweten te hebben dat die voor de roof gebruikt zou worden.
De helm en twee armbanden werden op 1 april teruggevonden na procesafspraken met verdachten Jan B. (21) en Douglas Chesley W. (37). Z. sloot geen deal; het Openbaar Ministerie eiste eerder 5,5 jaar cel, terwijl tegen B. en W. door de afspraken 44 maanden werd gevorderd.