Advies AG aan Hoge Raad: zaak 'Zes van Breda' moet over
In dit artikel:
Advocaat-generaal Frielink adviseert de Hoge Raad om de oude veroordelingen in de zaak van de zogeheten Zes van Breda opnieuw te laten beoordelen. Volgens hem zijn er na nieuw forensisch onderzoek voldoende nieuwe feiten en inzichten opgedoken, die zogeheten nova, om ernstig te twijfelen aan het eerdere oordeel. Dat geldt voor de drie mannen die een herzieningsverzoek indienden, maar ook voor de drie vrouwen: voor hen is geen verzoek gedaan, maar de AG wil dat hun zaken uit zichzelf ook worden heropend.
De zaak draait om de moord op de vrouw van een Chinees-Indisch restaurant in Breda, op 4 juli 1993. Zes verdachten, drie mannen en drie vrouwen, werden in de jaren 90 veroordeeld. Die veroordelingen steunden vooral op bekentenissen van de vrouwen, die later weer zijn ingetrokken, en op verklaringen en sporen die destijds anders werden geduid dan nu. De verdachten hebben hun straffen inmiddels uitgezeten.
Na een eerdere herziening in 2012 en een nieuwe behandeling door het hof in Den Haag in 2015 bleven de veroordelingen in stand. Nu is echter aanvullend onderzoek gedaan, waaronder DNA-onderzoek en analyses van bloedsporen en het vermoedelijke tijdstip van overlijden. Volgens de verdediging en de AG wijzen de resultaten erop dat het slachtoffer mogelijk op een ander moment is overleden dan lang werd aangenomen, en dat bloed- en DNA-sporen van een onbekende man uit Zuidoost-Azië mogelijk wél direct met het delict te maken hebben. Daarmee komt ook de betrouwbaarheid van de oude bekentenissen onder druk te staan.
De AG concludeert daarom dat de Hoge Raad de herzieningsverzoeken moet toewijzen en de veroordelingen van alle zes opnieuw door een hof moet laten behandelen. De Hoge Raad doet naar verwachting uitspraak op 15 december 2026.
Vandaag Inside Oranje: Hoe denken FC Barcelona-fans over Frenkie de Jong?